Sneltoetsen

Sneltoets Omschrijving

Alt+onderstreept teken

Hiermee wordt een toegangstoets geactiveerd zodat u snel naar een besturingselement kunt. Gebruik vaak de toegangstoetsen, want het kan een muisarm voorkomen.

Ctrl+Enter

Een nieuwe regel beginnen in een tekstveld, maar meestal hoeft dit niet. Zie Een nieuwe regel in een tekstvak maken voor meer informatie.

Ctrl+F4/Alt+F4

Soms kan een formulier worden gesloten met Ctrl+F4 of met Alt+F4. Dit is afhankelijk van een eigenschap van een formulier die Office Programs heeft ingesteld. Voor de gebruiker is niet te zien waarmee het formulier kan worden gesloten, maar dat is ook niet echt nodig omdat er altijd een knop Sluiten is. De sectieschakelborden kunnen in elk geval gewoon met Esc worden gesloten.

Ctrl+Tab

Hiermee kunt u op een tab-besturingselement naar het volgende tabblad gaan.

Ctrl+Z

Record ongedaan maken, zie Esc.

Enter

Hiermee gaat u naar het volgende veld. Een veld dat bedoeld is om meerdere regels in te kunnen typen, moet u met de Tab-toets verlaten alsook een hyperlink veld.

Esc

  • Met Esc maakt u bewerkingen ongedaan (alle laatst gewijzigde velden van een record).
  • Met Esc kan in de meeste gevallen een dialoogvenster worden gesloten zoals een sectieschakelbord, een dialoogvenster voor subitems en de kalender. In principe alle vensters waarin niet getypt wordt.
  • Door op Esc te drukken sluit u een rapport.

F1

Help voor het huidige formulier of rapport opvragen. Als er geen specifieke helppagina voor het formulier of rapport is, wordt naar een bepaalde sectie van de applicatie gegaan. Is er geen sectie toegewezen, dan wordt de standaardpagina van de Help weergegeven.

F2

De inhoud van het geselecteerde veld bewerken.

Insert

Hiermee slaat u een record op en wordt het formulier ingesteld voor de invoer van de volgende record. De Insert-toets kunt u bij elk formulier voor de invoer van records gebruiken, dus ook in gegevensbladen en in subformulieren. Als een subformulier de focus heeft, ontvangt het subformulier de toetsaanslag Insert zodat er ook met Insert een nieuwe record in het subformulier kan worden ingevoerd. Zie ook Een record toevoegen.

Opmerkingen

  • Door op Insert te drukken wordt hetzelfde bereikt als wanneer u in de formulierweergave op de knop OK of op Toevoegen zou klikken of in de gegevensbladweergave naar een nieuwe record zou gaan. In al die gevallen wordt natuurlijk de invoer eerst gecontroleerd indien u een record aan het bewerken was. In het geval dat u een record aan het bewerken bent en u drukt dan op Insert, dan kan het in sommige gevallen voorkomen dat het programma u onterecht attendeert op een verkeerde invoer. Dit is vooral het geval wanneer de invoegpositie zich in een Keuzelijst met invoervak, een gewoon tekstveld of een datumveld bevindt. Het onterechte foutbericht wordt veroorzaakt doordat het veld nog niet is bijgewerkt (dus wanneer de invoegpositie het betreffende veld nog niet heeft verlaten). U hoeft uzelf echter geen zorgen te maken dat de invoer niet correct wordt gecontroleerd. Mocht in een formulier de situatie van een overbodig foutbericht ontstaan, dan kunt u dit voorkomen door te zorgen dat u het betreffende veld eerst verlaat.
  • De Insert-toets kan handig zijn om tijdens de invoer een aantal velden over te slaan en direct door te gaan met de volgende invoer.

PageUp/PageDown

Hiermee scrolt u door records. In een enkelvoudig formulier gaat u naar een volgende of vorige record. In een doorlopend formulier en in de gegevensbladweergave gaat u een scherm omhoog of omlaag.

Shift+Enter

Een record opslaan, behalve wanneer de invoegpositie zich in een veld bevindt dat bedoeld is om meerdere regels in te kunnen typen. Zie Een record opslaan voor meer informatie.

Shift+Spatiebalk

Een record selecteren. Zie ook Een record verwijderen.

Tab

Hiermee verplaatst u de focus naar het volgende veld. Dat kan ook met Enter. Een veld dat bedoeld is om meerdere regels in te kunnen typen, moet u met de Tab-toets verlaten alsook een hyperlink veld.

Waar wilt u informatie over?